Aan kwaliteitsvol beheer door de syndicus hangt terecht een zeker prijskaartje

door Dominique Krickovic, Director Unie Van Syndici

Als we de trends in huisvesting mogen geloven, zullen er meer appartementen bij komen dan er huizen worden gebouwd. Het aantal eigenaars dat met anderen een flatgebouw deelt, gaat dus in stijgende lijn. Dat vraagt ook om meer gemotiveerde syndici die voor de verenigingen van mede-eigenaars (VME’s) de appartementsgebouwen op een kwalitatieve manier beheren. En daar wringt het al enige tijd.

Syndicus is stilaan een knelpuntberoep geworden. De oorzaken hiervan moeten we in feite aan twee kanten zoeken. De syndicus werkt ook ’s avonds en in het weekend, wat het voor velen een minder aantrekkelijk beroep maakt. Naast het technisch beheer dat uit zijn voegen barst, komen er geregeld ook extra taken bij voor de syndicus. Zo is sinds 2018 de GDPR van toepassing op VME’s. Deze verordening geldt voor alle ondernemingen en organisaties die persoonsgegevens van natuurlijke personen bijhouden en verwerken. Het is aan de syndicus om dit voor de VME in orde te brengen. Hiervoor zijn er heel wat inspanningen en administratieve formaliteiten nodig. Een complexe opdracht voor de syndicus om de opgelegde verplichtingen in de praktijk te brengen en dat zorgt voor extra kosten.

Bij dat laatste knelt het schoentje echter. Al deze extra verplichtingen opgelegd door de overheid vallen niet onder de standaard beheersvergoeding. Het is niet meer dan redelijk dat die extra kosten aan de VME’s worden aangerekend. Dat zorgt geregeld voor tegenwind van de mede-eigenaars. Onterecht naar onze mening, want het is wel degelijk de VME die aan de wetgeving moet voldoen en het is de verantwoordelijkheid van de syndicus om ervoor te zorgen dat de VME feilloos aan de opgelegde verplichtingen voldoet.

Tegenover een kwalitatieve dienstverlening door de syndicus waarop de mede-eigenaars rekenen, moet een waardig ereloon staan. Maar dat valt nu meestal te laag uit, wat wijst op een structureel probleem. Steeds minder mensen kiezen dan ook voor het beroep van syndicus omdat het doorgaans hard werken is dat bovendien te weinig betaald wordt. Mede-eigenaars laten ook vaker hun ondankbaarheid en ongenoegen blijken. Dat alles werkt niet bepaald motiverend om nieuwe gedreven syndici en/of personeel aan te trekken.

Het is hoog tijd dat we het tij doen keren en het beroep van syndicus terug aantrekkelijker maken. Hiervoor zijn dringend enkele mentaliteitswijzigingen nodig. Ik roep de mede-eigenaars alvast op om ermee op te houden stelselmatig de goedkoopste syndicus te kiezen. “If you pay peanuts, you get monkeys”, dat geldt ook voor het beheer van mede-eigendommen. VME’s moeten beseffen dat aan kwaliteitsvol beheer een zeker prijskaartje hangt. Wie niet bereid is dat te betalen, kan geen kwaliteit eisen en krijgt ook meestal geen kwaliteit met alle gevolgen van dien.

Wat ook slecht is voor het imago van het beroep, zijn syndici die onder de prijs gaan om het beheer van appartementsgebouwen binnen te halen. Dat draait meestal slecht uit. Hierdoor verdienen ze onvoldoende, wat dan weer leidt tot slecht beheer en wanpraktijken. De syndici mogen niet aarzelen om voor hun dienstverlening op niveau een correcte vergoeding aan te rekenen. De Unie Van Syndici gaat zelfs nog een stapje verder en pleit ervoor dat syndici voor grote werken in het kader van technisch beheer een percentage van de kostprijs zouden mogen vragen voor de opvolging en oplevering ervan, zoals dat in Frankrijk het geval is. Met het Salon van de Mede-eigendom – op 22 en 23 november 2019 in Paleis 1 van Brussels Expo – doen we al het mogelijke om het imago en het beroep van syndicus te verbeteren.

Bron: https://www.linkedin.com/pulse/aan-kwaliteitsvol-beheer-door-de-syndicus-hangt-een-zeker-krickovic/

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *